Selecteer een pagina

Noem een klassieke portretfoto nooit zomaar een foto, ook al ziet hij er op het eerste zicht vrij eenvoudig uit. Je zou je wel eens kunnen vergissen, want er komt heel wat bij kijken. Zelfs portreftfoto’s die louter bedoeld zijn voor zakelijk gebruik worden niet zomaar op een drafje gemaakt.
Neen! Klassieke portretfotografie is een kunst op zich.

Neem als voorbeeld deze sobere, ingetogen portretfoto. Je zou het niet meteen zeggen, maar voor deze foto heb ik drie afzonderlijke flitsen gebruik. De linkerkant van het gezicht werd belicht met een eerste flits die het keylight genoemd wordt. Zeg maar het hoofdlicht. Dit licht is heel zacht. Het komt tot stand door de flitser te laten reflecteren in een paraplu, waardoor je indirect licht krijgt. Je ziet de vorm van de paraplu trouwens in de reflectie van het licht in de ogen. Die reflectie wordt het catchlight genoemd. De rechterkant van het gezicht mag natuurlijk niet te donker worden, dus komt er een tweede flitslicht aan te pas om die schaduw lichtjes in te vullen. Dit noemen we het fill light. Om het plaatje helemaal af te maken gebruiken we voor dit soort portretfoto nog een derde flitslicht, dat van langs achter komt. Dat is een hard licht. Het wordt gevormd met een honeygrid.

Complex, denk je?

Dan hebben we het nog niet gehad over het Rembrandt-Light. Daarmee bedoelen we dat in de schaduw op de donkere kant van het gezicht er een omgekeerd driehoekje licht moet zichtbaar zijn. Heel subtiel. Nauwelijks te zien, maar het is er en het vormt de handtekening van een klassieke portretfotograaf.

Waarom? Gewoon omdat heel wat grote schilders, zoals Rembrandt en Da Vinci de schaduwen in gezichten van portretten telkens op die manier schilderden.

Fotografen hebben dat Rembrandt-light meer dan honderd jaar geleden van de kunstschilders overgenomen, al was het maar om te tonen dat we zelfs in de meest sobere foto’s altijd nadenken over hoe we licht opstellen.